De Amsterdams Waterleiding Duinen

Ik heb dit terrein te lang links laten liggen.Ga er nu meer tijd in steken en met veel plezier zal ik hier de foto’s tonen.Je kunt er heerlijk wandelen en komt altijd wel iets tegen voor een foto.

Damherten

De Amsterdamse Waterleidingduinen bezit de grootste damhertenpopulatie van Nederland per hectare. Er wordt geschat dat er ongeveer 1000 damherten rondlopen (2009), dus circa 0,3 per hectare. Sinds een aantal jaren wordt er niet meer gejaagd op de damherten en zijn de aantallen flink toegenomen. De grote aantallen damherten zijn een flinke publiekstrekker. Er is ook kritiek op dit beleid, damherten komen soms op de wegen rond de Waterleidingduinen terecht wat voor onveilige verkeerssituatie kan zorgen. Af en toe is er een aanrijding met een damhert. Door het plaatsen van hoge rasters (2,4 mtr.) probeert de beheerder de damherten binnen het gebied te houden. Niet overal worden hoge rasters geplaatst omdat de Amsterdamse Waterleidingduinen een kleinere oppervlakte hebben dan 5000 hectare en dan volgens de wet \'gehouden\' dieren worden waarvoor de eigenaar dan vervolgens \'zorgplichtig\' is.

Vos

Vossen jagen solitair, meestal \'s nachts en in de schemering, maar in onverstoorde gebieden jaagt hij liever overdag. De vos is een opportunist: hij eet bijna alles. Hij kan hard rennen, tot zestig kilometer per uur, alhoewel zes tot dertien kilometer per uur de normale snelheid is. Zijn prooien zijn meestal kleine en middelgrote prooidieren, zoals grote kevers, muizen en andere knaagdieren, konijnen, hazen, vogels en eieren, regenwormen en egels. Ook vruchten en bessen (vooral bramen) worden gegeten, evenals aas, placenta\'s en afval. Dagelijks moet een vos ongeveer vijfhonderd gram aan voedsel binnenkrijgen. Een vos doodt soms meer dan hij nodig heeft. Vooral op plaatsen waar meerdere prooidieren op elkaar zitten en niet kunnen ontsnappen, kan hij een ware slachtpartij aanrichten, bijvoorbeeld in kippenhokken of kolonies van grondbroedende vogels als kokmeeuwen. Voedselresten worden begraven en later weer opgezocht, maar de vos legt geen voedselvoorraden aan. Een vos is meestal zeer succesvol in het terugvinden van begraven voedsel.

Kleine zwaan

De kleine zwaan (Cygnus bewickii) is verwant aan de wilde zwaan. Kleine zwanen broeden \'s zomers op de Russische toendra. In de winter komen ze met duizenden naar onder andere Nederland om daar te overwinteren. Kleine zwanen verschillen onder andere van de ons bekendere knobbelzwaan door hun grootte. De kleine zwaan wordt zo\'n 127 centimeter, en de knobbelzwaan wel 150 centimeter. Anders dan bij de wilde zwaan heeft de kleine zwaan minder geel op de snavel. Kleine zwanen foerageren soms met honderen tegelijk op graslanden. \'s Avonds is hun muzikale roep te horen als ze van voedselpek naar een veilige slaapplek vliegen. Zo\'n plaats is vaak een meer of ander afgesloten natuurgebied dat \'s nachts voldoende veiligheid biedt. Kleine zwanen zijn vanaf oktober tot maart te zien in Nederland. Bron Wikipedia

waterspreeuw

In Nederland komen waterspreeuwen nauwelijks voor. Er zijn gedocumenteerde broedgevallen in Zuid-Limburg uit het begin van de 20ste eeuw en een paar met jongen in het zuidelijke Geuldal in 1994. Dit betrof de Midden-Europese variëteit met roodbruine buik. Als wintergast wordt de vogel met enige regelmaat gezien. Tot 1980 waren dit minder dan 10 waarnemingen per jaar, maar in het laatste decennium van de 20ste eeuw liep dit op tot meer dan 20. Mogelijk zegt dat meer over de activiteit van vogelaars dan over het trekgedrag van de waterspreeuw. De waargenomen wintergasten zijn vaak vogels met een zwarte buik. wikipedia

Zaagbek

Hoewel het mannetje van de grote zaagbek een goed te herkennen vogel is, lijkt het vrouwtje sterk op het vrouwtje van de middelste zaagbek. In tegenstelling tot de middelste zaagbek is de borst echter helder wit en duidelijk gescheiden van de bruine kop. Het voedsel van de grote zaagbek bestaat voornamelijk uit vis. De snavel van de grote zaagbek is voorzien van een rij kleine tandjes, waardoor gevangen vis niet gemakkelijk meer kan ontsnappen. De grote zaagbek is een zee-eend die vooral in de winter in Nederland aan te treffen is. De vogel is dan vooral te vinden op de grotere binnenwateren en riviermondingen. Broeden doet de vogel verder naar het noorden, vooral langs oevers van visrijke meren en rivieren met helder water.

AWD plattegrond

Kaart Amsterdamse-Waterleiding Duinen

De Amsterdamse Waterleidingduinen is een duingebied tussen Zandvoort (Noord-Holland) en de Langevelderslag in de gemeente Noordwijk (Zuid-Holland).

Het duingebied is ingericht voor de winning van drinkwater voor de stad Amsterdam; er stroomt jaarlijks vijftig miljoen kubieke meter drinkwater door dit 3400 hectare grote gebied. Er wordt sinds1853 water gewonnen, waarmee het het oudste waterwingebied van Nederland is. Het wordt geëxploiteerd door Waternet.

Het duingebied is een beschermd natuurmonument en bij de Europese Commissie aangemeld als Habitatrichtlijngebied. Daarmee geniet het bescherming volgens de Europese regelgeving. Rust, ruimte en natuur zijn de voornaamste kernwaarden van dit gebied. Om dit te waarborgen is enkel wandelen toegestaan. Bovendien mag overal buiten de paden worden gewandeld. De Amsterdamse Waterleidingduinen is het grootste aaneengesloten wandelgebied van Nederland.

In het noorden ligt een uitgestrekt complex van infiltratiekanalen. Oostelijk van het infiltratiegebied zijn grote oppervlakten grond bebost. In het zuiden is het duinreliëf minder door vergravingen veranderd. Het centrale gebied bestaat uit landschap dat tijdens de duinverstuivingen tussen 14e en 16e eeuw is ontstaan.

Eigenaar van het gebied is de gemeente Amsterdam, hoewel het voor het grootste deel in de gemeenten Zandvoort en Noordwijk ligt. Ook ligt een gedeelte in de gemeente Bloemendaal, waar nabij Vogelenzang ook het bezoekerscentrum De Oranjekom is gelegen. In 2009 ontving deze 800.000 bezoekers.   Bron wikepedia

    • No categories